Een gewaardeerde medestudent van mijn opleiding Ervaringsdeskundigheid in Leiderschap, Advies en Bestuur koos die zin als lijfspreuk op haar STERK-scan. “Same same but different.” Steenkolenengels, ontstaan op de markten van Zuidoost-Azië, en juist daarom zo raak.
Heel even dacht ik nog: zou ik dit niet omdenken, of gewoon in het Nederlands vatten, zoals ik met spreekwoorden meestal doe? Dat is een beetje mijn ding. Maar nee. Deze laat ik staan zoals hij is. Hij is van háár, hij is al creatief genoeg, en hij zegt precies wat er staat. Niet alles hoeft door mijn handen. Sommige dingen zijn al af.
Toch bleef die zin daarna door mijn hoofd spelen. Want hij raakt aan iets waar ik in mijn werk al langer mee bezig ben.
Ik kom namelijk twee modellen tegen die me niet loslaten. PERMA, uit de positieve psychologie, beschrijft wat mensen laat floreren: goede gevoelens, opgaan in wat je doet, relaties, betekenis en iets bereiken. En CHIME, uit het herstelgericht werken, beschrijft waar herstel uit bestaat: verbondenheid, hoop, identiteit, betekenis en eigen regie. Leg ze naast elkaar en je ziet hoe verwant ze zijn. Relaties en verbondenheid vallen samen. Betekenis staat zelfs letterlijk in allebei. Eigen regie raakt aan meesterschap. Twee talen voor hetzelfde goede leven de één begint bij welzijn, de ander bij herstel, maar ze wijzen naar dezelfde bloei. Same same.
En toch zou ik ze nooit tot één model willen platslaan. Ze komen uit een andere hoek en spelen op een ander niveau: het ene gaat vaak over de professional die floreert, het andere over de cliënt die herstelt. Van hetzelfde laken een pak, maar niet hetzelfde pak. Dat verschil is geen ruis die ik moet wegpoetsen; het is juist wat elk model zijn eigen waarde geeft. But different.
Net als bij die lijfspreuk. Strijk je hem glad tot keurig Nederlands, dan haal je er het eigenzinnige, het levende uit. En laat dat nou net het mooiste zijn.
Toch mis ik in allebei nog iets. PERMA en CHIME vertellen je hoe het eruitziet als het goed gaat de bloem, de oogst. Ze vertellen je niet hoe je de grond maakt waarin dat kan groeien. Die grond veronderstellen ze, maar ze benoemen hem niet.
Daar komen mijn vier V’s binnen. Niet als derde bloem naast de andere twee, maar als de voedingsbodem eronder. Veiligheid is de grond zelf de secure base van waaruit iemand pas durft te verkennen. Verbinding laat groeien wat de ander relaties en verbondenheid noemt. Vertrouwen laat eigen regie opkomen, want autonomie ontstaat niet uit controle maar uit vertrouwen. En Versterken voedt meesterschap en identiteit: groei vanuit wat er al is. Wat daaruit opbloeit is veerkracht. Geen pijler die je afdwingt, maar de bloem die vanzelf verschijnt als de bodem klopt.
Eerlijk is eerlijk: dit zijn geen sommen die naadloos op elkaar aansluiten. De V’s, PERMA en CHIME liggen op verschillende niveaus, condities tegenover uitkomsten. Familiegelijkenissen, meer niet. Same same, but different, ook hier.
En dat brengt me bij wat ik het mooiste vind. Wat een professional nodig heeft om op te bloeien, is precies de grond die een gezin nodig heeft om te herstellen. Verbinding, vertrouwen en versterken, met veiligheid eronder: dezelfde bodem werkt aan beide kanten van de tafel. Dat is het parallelproces waar ik in geloof.
We hoeven dus niet te kiezen. Niet tussen positieve psychologie en herstelgericht werken, en niet tussen die twee en mijn eigen V’s. Ze rijmen op elkaar. De vraag is niet welke bloem we willen, maar of de grond klopt.
En dat besef waar het mee begon dat je sommige dingen gewoon mag laten zoals ze zijn geldt niet alleen voor een lijfspreuk. Het geldt ook voor mensen. We hoeven ze niet te repareren of te herschrijven. We hoeven alleen de grond te leggen waarin ze, ieder op hun eigen manier, vooruit kunnen.
Vanuit hun unieke kracht.

