We hebben allemaal geleerd dat de aanhouder wint. Wie een feelgood Hollywood film kijkt herkent het script van de Reis van de Held. Er komt een oproep waaraan de held na twijfel gehoor geeft er volgen beproevingen en twijfels en mede dankzij helpers onderweg komt het goed uiteindelijk goed. Voor mij is Good Will Hunting zo’n film. De hoofdpersoon overwint zijn diepgewortelde angst voor imperfectie. Dat wil jij toch ook? Ik wel in elk geval.
Jij hebt een missie misschien komt die voort uit wat je zelf hebt gemist en misschien komt hij voort uit dat je de ander en de wereld iets beters gunt. Hoe dan ook je wilt dat het beter wordt en dat er groei ontstaat. Je weet wel gras groeit niet harder door eraan te trekken. Maar toch is die verleiding er. Je ziet scherp wat er ontbreekt of zou kunnen ontstaan bij de client die je begeleidt. Je gunt het de ander dat hij zijn belemmeringen afschud.
Al snel begin je te helpen door oplossingen aan te dragen. Jij werkt hard om het welbevinden van de client te vergroten. Dat brengt een aantal risico’s met zich mee. Allereerst je werkt te hard zonder de resultaten te zien waarnaar je verlangt en je raakt opgebrand. De aanhouder verliest in zo’n geval zijn mentale gezondheid.
Ten tweede en dit staat haaks op jouw missie, jouw client lijkt passiever te worden en stelt zich afhankelijker op. Of de “weerstand” tegen de “hulpverlening” neemt toe.
Ik herken het ook in mijn eigen praktijk. Omdat ik de wensen van diverse (niet alle) medewerkers heb beluisterd en de observaties van de intervisoren heb gehoord groeide mijn verlangen om de intervisie te verbeteren. Als antwoord op de huidige intervisie introduceerde ik de ontwikkelingskundige aanpak in de organisatie. Omdat ik geloof in groei van binnenuit. Ik gun elke professional een diepgaande en gestructureerde vorm van reflectie. Omdat reflectiemomenten benut kunnen worden waarvoor ze bedoelt zijn , namelijk ontwikkelen en daarmee verstevigen van de professionele identiteit. Sommige medewerkers omarmen de nieuwe werkwijze direct en zien de voordelen. Anderen wijzen mij er terecht op dat ik hen onvoldoende heb meegenomen in het proces en dat ik onvoldoende oog heb gehad voor hun behoeften in deze. Het is ook paradoxaal realiseer ik mij groei van binnenuit die van bovenaf lijkt te worden opgelegd.
Misschien sla ik wel door in mijn behoefte aan verbetering en maakbaarheid. Misschien vindt dit ook nog teveel plaats in hulpverlening en onderwijs. Afwijking van de norm of wat er in potentie aanwezig is moet worden gefixt. Terwijl mensen ook gewoon tijd verdienen om te rijpen en hun eigen pad te bewandelen.
Het ontbrak in mijn voorbeeld misschien ook aan gelijkwaardigheid. Misschien heb ik teveel gehandeld vanuit een exportrol die impliceert: “ik weet wat goed voor jou is”. Bij een sterk ingegeven missie ligt dat op de loer. De kunst is om los te laten en regie zoveel mogelijk te laten waar deze hoort. Niet aanhouden maar loslaten dus. Ik denk dat dit een voortdurend spanningsveld is. Want soms helpt het om bijvoorbeeld psycho-educatie te geven en jouw expertrol in te zetten. Of zelfs de regie voor een deel over te nemen wanneer de veiligheid in het gedrang is.
De Reis van de Held gaat niet over de beproeving doorstaan en met het elixer de wereld redden. Het gaat niet over de aanhouder wint. Het gaat ook niet perse over verliezen doordat je zo nu en dan in jouw reddersrol of reperatiereflex schiet. De aanhouder leert en blijft voortdurend onderweg.

